Gamen en bewegen, een gouden combi

Door Johan van der Meulen

 

 

 

Als kind was ik op het vlak van sport en bewegen niet vooruit te branden. Ik zat dan misschien op waterpolo, maar daar kwam ik – eerlijk is eerlijk – meer voor mijn vrienden dan voor de sport zelf. Met de kennis van nu is dat een heel interessante realisatie. Het bevestigt voor mij dat (intrinsieke) motivatie van heel veel verschillende factoren afhangt en soms niet zoveel met de activiteit an sich te maken heeft. Sommige mensen raken eerder gemotiveerd door de ‘sociale factor’ en anderen worden enthousiast wanneer visueel inzichtelijk is dat ze vooruitgaan. Zoals met een scoreboard.

Over de auteur

Johan weet alles van co-creatie met verschillende doelgroepen en heeft onlangs met goed gevolg een cursus ‘Playful Learning’ afgerond aan de University van Michigan. Voeg hem gerust toe op Linkedin. Vindt ‘ie leuk!

Gamen als sociale aangelegenheid

Gamen wordt – onterecht – nog vaak gezien als een solitaire aangelegenheid. Maar juist de mogelijkheid om al spelend vrienden te maken zorgt er vaak voor dat mensen moeiteloos gemotiveerd blijven om door te spelen. Ze horen bij een community, ook al is het soms enkel online. Dit is een krachtig mechanisme dat op heel veel manieren ingezet kan worden, waaronder op het vlak van sport en bewegen. Juist voor de doelgroep die niet gemotiveerd raakt door een sport of training op zichzelf, kunnen mechanieken uit games – zoals de mogelijkheid in een team te werken – ontzettend goed werken. Anderen bewegen misschien liever alleen, maar willen dan wel graag meegenomen worden in een spannend verhaal of een rankingsysteem. In dit blog laat ik met een aantal voorbeelden zien waarom gamen en bewegen zo goed samengaan.

Pokémon Go

Waarschijnlijk wel het meest aansprekende voorbeeld van deze tijd: Pokémon Go. Pokémon Go werd in 2016 door Nintendo uitgebracht en ontpopte zich tot razend populair spel. Gebruikers lopen buiten rond met hun telefoon om Pokémon te vangen. Door middel van augmented reality lijken de Pokemon in de echte wereld rond te lopen. Het spel brengt mensen massaal naar buiten en in beweging, vaak in groepjes. Een sociale factor die het spel nog leuker maakt.

Ring Fit Adventures is een product van Nintendo waarmee spelers – thuis, met hun console –  yoga, aerobics, krachttraining en balansspellen kunnen uitvoeren. Gebruikers banen zich een weg door uitdagende levels en er wordt gebruikgemaakt van storytelling om de motivatie op peil te houden. Kortom: een extra ‘laag’ over de oefeningen die ervoor zorgt dat bewegen opeens superleuk is en je als speler niet snel opgeeft. Ook krachtig aan dit spel is de directe transfer. Er zit geen tussenstap tussen het gewenste gedrag (sporten) en de game. Het sporten is de game.

Ring Fit Adventures

Sportbouwer

Sportbouwer is een interventie gericht op het ondersteunen van gymlessen in het reguliere basisonderwijs. Middels Sportbouwer kunnen kinderen zelfstandig beweegopdrachten uitvoeren en behalen. De tool daagt kinderen met uitleganimaties en leuke beloningen uit om beweegniveaus te behalen en zichzelf gericht te verbeteren. Een vakleerkracht kan een gymzaal opdelen in verschillende vakken. De kinderen die zelfstandig genoeg zijn, kunnen zelf uit de voeten met de app. Daardoor blijft er meer individuele aandacht over voor de kinderen die dit nodig hebben.

Waarom werkt het?

Maar waarom werkt die combinatie van bewegen en gamification nou zo goed? Daarvoor moeten we de theorie van motivatie induiken.

Hiernaast een tweetal belangrijke theorieën waardoor ik me in mijn werk laat inspireren.

Zelfregulatie: Van den Boogaard, J., & Lamers, P. (2017, September 6) | Zone van proximale ontwikkeling: Vygotsky, L. S. (1997)

Kinderen die zelf hun eigen niveau mogen bepalen (i.c.m. een sportprofessional) zijn intrinsiek gemotiveerd om ergens voor te streven. Deze vorm van zelfregulatie gaat over het stellen van eigen doelen. Deze doelen worden met juiste coaching besproken, zodat het niet te moeilijk of te makkelijk is. Het is aangetoond dat kinderen hierdoor meer gemotiveerd raken om de taak te volbrengen. Een goede coach zorgt ervoor dat deze doelen uitdagend zijn, maar met voldoende inzet ook haalbaar. Dit noemt men de zone van proximale ontwikkeling. Enorm voedend voor de intrinsieke motivatie wanneer het – met de juiste inzet – dan toch lukt!

Self determination theory: Ryan R.M. (2009) | Drive: Pink, D. H. (2011, april 5)

Een theorie die in steeds meer interventies, schoolsystemen, games, sport zijn opwachting maakt: de theorie van self determination. Deze theorie omvat de fundamentele drijfveren van motivatie en is in essentie een routekaart om intrinsieke motivatie te voeden. In het kort beschrijft de theorie dat wij intrinsiek motivatie drijft op drie elementen:

    • Autonomie: persoonlijk leren door het kiezen van eigen paden.
    • A sense of belonging: laat spelers deel uitmaken van een community
    • Bekwaamheid: motiveer groei, in plaats van fouten te bestraffen (mocht je helemaal opgaan in het moment zonder afleidingen dan kom je in de mentale ‘flow’ toestand zoals beschreven door Csikszentmihalyi, 2008)

Meer literatuurtips of doorpraten over de mogelijkheden van gamen en bewegen? Je mag mij altijd bellen, mailen of toevoegen op Linkedin!